"Es, Ego, Super-ego, Olga, Deus ex Machina" ----------------------------------------------------------- Hebben computers menselijke eigenschappen, en indien niet, is het dan mogelijk om ze die te geven? Alexander Barzonow, de Russische computer linguist en amateur psycholoog en het onderwerp van dit verhaal, vond van wel. ![]() internationale uitgave van Barzonow's boek "Het is niet alleen mechanische projectie," schrijft hij, "waardoor we menselijke of in ieder geval "mensgelijkende" eigenschappen toedichten aan deze machines. Er zit iets in de machine, in de architectuur van haar fysiek, en in de psyche van haar programmatuur dat "mensgelijkend" is en dat, begeleid door een opvoeder, wellicht kan uitgroeien tot een zelfstandige persoonlijkheid." "De techniek van de computer," schrijft Barzonow, "laat zich niet meer met bako of hamer determineren en gaat in zekere zin steeds meer lijken op de fysiek van een levend wezen." Dat we ons hiervan weldegelijk bewust zijn blijkt volgens hem uit de wijze waarop wij met computers, of computergestuurde apparaten omgaan. We praten er tegen, geven het complimenten of vermaningen, moedigen het aan als het een ingewikkelde berekening uitvoert en straffen het in onmacht soms met een harde klap. Wij zien de computer als vriend, als vijand, als geliefde of als collega. In veel gevallen vindt er een projectie plaats en ziet de gebruiker de computer als een mensgelijkend wezen. Een eer die weinig apparaten ten deel valt. Een belangrijke reden voor die projectie ligt verscholen in het idee dat het apparaat met ons communiceert. Middels mededelingen die zichtbaar worden gemaakt, en midels het geluidje Beep, dat hét geluid van de electronische revolutie is geworden zoals de stoomfluit dat was voor de Industriele revolutie. Maar Beep was succesvoller en ook ingrijpender dan de stoomfluit. Niet alleen kon "Beep" op ten duur massaal in de huiskamer worden geïntroduceerd, wat bij de stoomfluit technisch gezien nogal bezwaarlijk was, ook ging er achter "Beep" een oneindig complexere wereld schuil dan achter de stoomfluit. De stoomfluit was een soort muziekinstrument. Als je aan de hendel trok hoorde je de fluit. In zijn tijd indrukwekkend en zeker tot de verbeelding sprekend, maar de stoomfluit floot nooit uit zichzelf. Leidde geen eigen leven. "Beep" daarentegen kon soms tergende minuten op zich laten wachten. Bijvoorbeeld wanneer het apparaat dat de "Beep" moest geven, aan het nadenken was. In de loop der jaren ontwikkelde "Beep" een eigen wil en een eigen, deels onvoorspelbare timing. lovebite2.html "Beep" was een teken van leven. De macht en zeggingskracht van het geluid werd pas goed duidelijk op 4 oktober 1957, toen de Iskoetswenneij spoetnik zjemlji, oftewel de Kunstmatige Aardebegeleider, kortgezegd de Spoetnik 1 haar aanwezigheid en welzijn in de ruimte met Beepjes kenbaar maakte en heel de mensheid er over de radio naar luisterde. ![]() Een visuele weergave van de ontvangst van het signaal van de Sputnik. Niet Laika en niet Yoeri Gagarin waren de eerste levende wezens in de ruimte, maar "Beep", de stem van een primitieve computer. Het is alleszins aannemelijk dat de electronische revolutie zonder "Beep" aanmerkelijk trager zou zijn verlopen, of wellicht geheel mislukt zou zijn. "Beep" gaf alle nieuwe apparaten een stem en verpersoonlijkte de omgang er mee. Nu we meer vertrouwd zijn geworden met de electrionica, neemt het belang van Beep voor ons de gebruikers langzaam af. Bij moderne computers en andere computergestuurde apparaten wordt aan de gebruiker een keuze gelaten het Beep geluid af te zetten of aan te laten staan. De ambassadeursrol die het een kleine halve eeuw heeft gehad is uitgespeeld. Op ten duur zal Beep wel eens grotendeels uit ons leven kunnen verdwijnen, maar onderhuids, of moet ik zeggen onderbewust, zal Beep, altijd een deel blijven uitmaken van de psyche. De psyche van de computer, en de psyche van de mens. Beep was volgens Barzonow het begin, de primal scream, van de computer. "De computer zoals wij die nu kennen is als een kind," schrijft hij. "Willen we van haar een zelfstandig individu maken om op een volwassen wijze met haar te kunnen communiceren, dan zullen we haar, als een kind, moeten opvoeden, en om die opvoeding vorm te geven zullen we te rade moeten gaan bij de psycho-analyse." lovebite4.html Volgens de psycho-analyse van Freud is de persoonlijkheid van een individu opgebouwd uit drie factoren. Allereerst is daar het Es, het Het. Deze onpersoonlijke drager van het driftleven, zich nauwlijks bewust van de buitenwereld, is het de drager van, soms tegengestelde impulsen die blindelings streven naar vervulling. De drang bestrijdend- en tegelijkertijd voorrang willen geven om adem te halen onder water, bijvoorbeeld. lovebite5.html Het tweede deel is het Ego. Dat deel van de persoonlijkheid dat contact legt en onderhoud met de buitenwereld en zich daaraan aanpast. De zintuigelijke waarneming en de interpretatie daarvan, bijvoorbeeld. In het algemeen de verzameling van voorwaarden voor sociaal en aangepast gedrag. Het derde deel wordt gevormd door het Super-ego. Dit deel bevat de normen en waarden van de opvoeder en brengt hem er toe in overeenstemming met deze opvattingen te handelen. Het Super-ego bestaat op haar beurt weer uit een Ideaal-Ik waaraan het moet voldoen en een beoordelende instantie die bestraffend werkt wanneer niet aan de gestelde normen wordt voldaan. Doel van het Super-Ego, de vrucht van de opvoeding dus, is het individu te beletten toe te geven aan ongewensde of onaanvaardbare impulsen van het Es. Het Super-ego ontstaat grotendeels door een Identificatie met de opvoeders. Het kind, dat nog geen normen of waarden heeft, imiteert aanvankelijk slechts en maakt zich geleidelijk de voor hem heersende normen eigen. Van deze drie elementen, stelt Barzonow, hebben apparaten er slechts twee. Het Es en het Ego. Elk nuttig apparaat kent een driftleven en dus een Es. Elke schroevendraaier immers streeft, blindelings, naar de schroef. Elke hamer verlangt driftig naar een spijker. Elke kam naar haar, elke bom naar een doel, en elke computer streeft er naar om Aan te staan, omdat het zich alleen op die manier kan manifesteren. Ook kan je zeggen dat apparaten een Ego hebben. Dat deel van de persoonlijkheid dus dat contact legt en onderhoud met de buitenwereld en zich daaraan aanpast. Het handvat van een schroevedraaier, het lemmet van een mes, het stuur van een auto, het handvat van een koffer, enz. Bij de computer herkennen we het Ego in de aanwezigheid van een floppy drive, een CD Rom speler, de verschillende andere in- en uitgangen van dataverkeer, en natuurlijk de mogelijkheid om met ons te communiceren middels "Beep." Het element van een Super-ego of een Über-Ich ontbreekt echter bij apparaten. En hierin onderscheidt zich de psychologie van de levensloze voorwerpen van de psychologie van de levende. En juist om dit deel van de psyche was het barzonow te doen. lovebite6.html In zijn boek "Olga Mijn Geliefde", door de engelse uitgever niet ongeestig vertaald in "Love Bites" beschrijft Barzonow de experimenten die hij heeft uitgevoerd met zijn computer in een poging het apparaat een Super-ego te geven, en hoe hij daarin op dramatische wijze slaagde. Allereerst bepaalde Barzonow dat het, om zijn computer een Super ego te kunnen geven, noodzakelijk was om de sexualiteit van het apparaat te bepalen. "Wellicht was alles anders gelopen als ik de computer Aleksej, naar mijn broer, of Boris, zo maar een naam, had gegeven en hem van de mannelijke sexe had toegedicht. Maar wellicht had ik dan niet de betrokkenheid kunnen tonen die ik nodig had om het werk te volbrengen." ![]() Barzonow, de auteur van het besproken boek. Barzonow noemt zijn computer Olga, bepaald haar sexualiteit als vrouwelijk en modelleert haar, in eerste opzet, naar zijn grote jeugdliefde die dezelfde naam had. Vervolgens voorzag hij de systeemprogrammatuur van een enorme hoeveelheid lijsten en protocollen die gebaseerd waren op zijn herinneringen aan Olga, haar voorkeuren en de dingen waaraan ze een hekel had. Haar favoriete kleuren, haar interesses, haar taalgebruik, haar liefde voor dieren en vioolmuziek. Aan deze voorkeuren verbond hij een aantal specifieke consequenties. Als hij bijvoorbeeld een moeilijke berekening door Olga liet uitvoeren tegen een licht blauwe achtergrond, deed zij dat ongeveer 45% sneller dan wanneer zij dezelfde berekening tegen een zwarte achtergrond uit moest voeren. Nadat Barzonow de sexualiteit van zijn computer had bepaald en randvoorwaarden had gecreeerd om die zichtbaar te maken, begon hij te werken aan de mogelijkheden voor Olga om die sexualiteit te uitten. Olga moest, met andere woorden een streven naar Lust, een libido of, misschien gepaster in deze context, een sex-drive, krijgen. "Nu Olga wist wie zij was," schrijft Barzonow, "moest ik haar naar meer laten verlangen." Immers, stelt Barzonow, ieder individu streeft naar compleetheid. Een streven dat zich enerzijds uit door het verlangen naar meer van hetzelfde, een bevestiging dus, en anderszijds door juist een veralngen naar het tegendeel van de eigen, sexegebonden eigenschappen. lovebite7.html Ook de computer zal dus, bij leven en welzijn, voortdurend moeten streven naar Compleetheid, en gedurende die eindeloze strijd, af en toe moeten kunnen denken aan opgeven, en dus beschikken over een Zelfdestructiesysteem. Barzonow noemt deze eigenschap de Crashdrift, vrij naar Freuds Doodsdrift, en plaatst hem naast de Libido. Ook aan de uitleving van deze twee driften verbindt hij voorwaarden. Dit betekent dat Olga slechter functioneert wanneer ze alleen maar handelingen moet verrichten die tegen haar voorkeuren ingaan, maar dat ze er tevens steeds naar zal verlangen dit soort handelingen uit te voeren, en dat het zelfs, in zeker zin, essentieel is voor haar geestelijke gezondheid wanneer ze zich af en toe overgeeft aan dit verlangen. Het zelfdestructiesysteem dat gekoppeld is aan de Crashdrift en de Libido van de computer kan worden geactiveerd indien de computer het, vrij vertaald "niet meer ziet zitten" en plaatst dus een grote verantwoordelijkheid bij de gebruiker. Te veel toegeven aan de destructieve neiging om commando's uit te voeren die tegen de aard van de computer ingaan zullen onherroepelijk leiden tot zelfdestructie. De computer elke mogelijkheid ontnemen om te streven naar Compleetheid door het najagen van het tegendeel, zal op ten duur echter hetzelfde effect hebben. Zo ontstaat er een wankel evenwicht tussen het verlangen naar het onbekende en het verlangen naar meer van hetzelfde. Een evenwicht dat volgens Barzonow, essentieel is voor een zelfstandige psyche. Aansluitend bedacht hij een systeem dat Olga's waardering voor uiteenlopende handelingen in verschillende omstandigheden liet meten. "Percentages van Appriciatie" noemde hij ze. Aan het eind van elke dag voerde hij deze cijfers in in een andere computer en kon zodoende haar mentale staat bepalen. Nu hij op deze wijze Olga van een sexualiteit, de eerste bouwstenen van een karakter en van Libido en Crashdrift had voorzien, voorzag Barzonow Olga's geheugen van een aantal zeer uiteenlopende rolmodellen waarmee ze zich kon identificeren. lovebite8.html "Een Rus die zichzelf wil leren kennen gaat niet naar de psychiater", schrijft Barzonow, "maar leest Tolstoj. Hij is de spiegel van de Russische ziel. Waar anders vindt men zoveel uiteenlopende en nauwkeurig beschreven karakters als in zijn werk? Het uiterlijk, de manier waarop ze lopen, de interesses, de angst en dehoop, het geloof en de twijfel van zoveel natuurgetrouwe personages. Wat zou ik mezelf voor de gek houden dat ik het beter wist dan hij? Als Olga ergens iets zou kunnen leren over de wereld en over zichzelf dfan was het in zijn werk. Dit was de wereld van karaktereigenschappen waaruit Olga uiteindelijk haar eigen persoonlijkheid zou moeten destilleren. Een aantal maanden werkte ik aan de invoering van zijn verhalen in het geheugen van Olga en plaatste het in een voor haar begrijpelijke context" Nu hij haar van zoveel te idealiseren of te verwerpen voorbeelden had voorzien, moest hij Olga de mogelijkheid geven er iets mee te doen. Hij sloot de computer aan op verschillende nieuwsdiensten en hield haar op de hoogte van zulke uiteenlopende data als tijd, temperatuur, neerslag, enz. Na niet al te lange tijd bleek dat Olga's prestaties sterk te lijden hadden onder weersveranderingen. Twee weken nadat hij Olga van Tolstoj heeft voorzien noteert Barzonow enthousiast: "Het regent nu al drie dagen aan een stuk en ik meen te kunnen concluderen dat mijn Olga last begint te krijgen van een humeurtje! Als het regent en de temperatuur daalt reageert ze daar sterk op. Ze is sloom, maakt veel typefouten, voert berekeningen met grote tegenzin uit en klaagt over een gebrek aan geheugen. Daarentegen luistert ze graag naar muziek en romantische gedichten. Als de zon dan gaat schijnen wordt ze overactief, gehaast en ongeduldig. Ze voert berekeningen snel, maar vaak ook slordig uit. Ze is brutaal in afrondingen en schattingen. Haar karakter zou ik op zo'n moment omschrijven als ondeugend. " Op dit moment in zijn boek last Barzonow een uitgebreid dagboek-achtig hoofdstuk in over zijn herinneringen aan de echte Olga, zijn grote jeugdliefde, dat we hier verder onbesproken hadden gelaten als het niet de opmaat zou zijn geweest tot het dramatische eind van zijn experiment. "Vannacht weer gedroomd over Olga. Zoals ze me opwachtte, die late wintermiddag. Met rode wangen van de koude. Haar lach. Haar afwijzingen. Haar ogen en hoe ze vreemd nadenkend naar me kon kijken, alsof ze zich plotseling verbaasde over mijn aanwezigheid en ik de angst voelde dat ze me op heel plechtige toon zou vragen: "Sorry, maar; wie bent U eigenlijk?" Haar gezicht veranderde in een beeldscherm, en onder haar lange winterse rok vandaan kwam een snoer en een stekker. Op het beeldscherm verscheen een tekst: "Ik ken U niet, gaat U alstublieft weg. Laat mij met rust" Om de hoek van de straat kwam een reusachtige stekkerdoos. Olga rende er op af en begon de stekkerdoos te omhelzen en kusjes te geven. Ik denk weer aan haar dood, en droom van een toekosmt met haar die mij, indien zij nog geleefd had, zeker niet zou zijn gegeven. Ik realiseer me dat ik haar op een bepaalde manier weer tot leven heb gewekt en dat ik soms mijn wetenschappelijke opwinding niet kan onderscheiden van een opwinding die lijkt op de vreugde en de energie die vrijkomt bij een onbezonnen verliefdheid. Het is uit de literatuur bekend dat mensen verliefd kunnen worden op geesten. Zou dit ook met mij het geval zijn. Ben ik verliefd geworden op Olga de computer, of is mijn verlangen naar de geest van de Olga die ik ooit werkelijk gekend heb, nooit geheel gedooft? Misschien. Maar anderszijds houdt ik mij voor dat mijn liefde voor Olga het programma precies dezelfde is als de liefde die de kernfysicus voor het atoom heeft. Een wetenschappelijke liefde. En uit liefde voor de wetenschap moet ik verder gaan met mijn experiment." lovebite9.html Barzonow besluit dat het essentieel is voor de verdere ontwikkeling van Olga dat hij haar de mogelijkheid geeft om te dromen, en hij ontwerpt een programma dat haar in staat stelt om in de vrije uren ongestoord te combineren en associeren met het tekst- beeld en geluidmateriaal dat op haar harde schijf staat. Conclusies en afdrukken van deze dromen worden op een aparte droomgeheugenschijf weggeschreven. "Ik heb de software zo geschreven", schrijft Barzonow, "dat Olga's dromen voor de buitenwereld onzichtbaar blijven. Dit is haar domein, hier moet zij ongestoord en onbespied kunnen associeren. Dit was mijn belofte aan haar en ik was vastbesloten de afspraak niet te breken. Het zou verraad zijn geweest, en nog steeds vraag ik mij af of het de juiste beslissing was om op ten duur toch in het droomgeheugen te gaan kijken. Had ik het niet gedaan dan had zij vermoedelijk ook wel de Zelfdestructiemodule in werking gesteld. Maar de twijfel knaagt aan mijn geweten, net zoals de kennis dat ik uiteindelijk actief aan haar dood heb meegewerkt." Een paar weken nadat Barzonow de droommodule had geinstalleerd merkte hij veranderingen op in Olga's gedrag. Soms was ze zeer opgewekt en voerde ze opdrachten snel en efficient uit, dan weer was ze nukkig en sloom. Het verrassende was evenwel dat haar gedrag niet overeenkwam met de analyses die Barzonow elke avond maakte van haar Appriciatie-quotient. Hij liet haar dagen achtereen precies die handelingen en comando's uitvoeren waarvan hij zeker wist dat ze het prettig vond, en toch ging ze steeds trager rekenen, deed ze langer en langer over het opstarten en had ze vaker de neiging om systeemfouten te signaleren waar die er niet waren en te klagen dat haar geugen vol zat. "Eerst dacht ik dat er een fout in de software zat of dat de hardware misschien beschadigd zou kunnen zijn. Maar na een grondige controle bleek daar niets mis mee. Ik manipuleerde vervolgens de weersberichten, waardoor het leek alsof de zon altijd scheen, maar ook dit had geen effect. Olga bleef traag en nukkig. Ten einde raad en na lang twijfelen besloot ik de toeganscode tot het droomgeheugen te kraken." Nadat hij de data van het droomgeheugen gekopieerd had naar een losse harde schijf doet Barzonow een opzienbarende ontdekking. De omvang van de droomdata bleek veel groter dan de ruimte die hij er op de droomgeheugenschijf voor had gereserveerd. Barzonow schrijft: "Ik keek naar het beeldscherm en kon mijn ogen niet geloven! Terwijl er op de droomgeheugenschijf slechts 500 megabite aan ruimte was bleef de computer doorkopieren tot rond de 1200 megabite. Ook merkte ik dat sommige data zozeer gecomprimeerd was dat het bijna op verdringing begon te lijken. Maar de grote hoeveelheid aan data verbaasde mij het meest. Na een grondige analyse van de herkomst van de verschillende dromen kwam ik tot de conclusie dat het droomgeheugen gelekt moest hebben naar het werkgeheugen, zonder dat Olga hiervan iets had laten merken. Haar systeemprogrammatuur was doorspekt met droomfragmenten. Droomfragmenten die ze soms een hogere prioriteit had gegeven dan essentiele systeemprogrammatuur!" In eerste instantie denkt Barzonow hiermee de vertraging van Olga te hebben verklaart. Hij vermoedt dat het de pure omvang van de droombestanden is geweest die er voor zorgden dat Olga trager en nukkiger was geworden. Maar nadat hij de duizenden tekst- en beeldfragmenten op volgorde van datum had gezet en op een andere computer afspeelt moest hij wel tot een andere, veel dramatischer conclusie komen. Het is misschien dan ook beter om vanaf nu de tekst van Barzonow te volgen en hem tot het eind toe niet meer te onderbreken. "Ik speelde de dromen talloze keren af. Het kostte me enige tijd om me Olga's soms verwarrende beeldtaal eigen te maken. Ze gebruikte afwisselend flarden tekst, afkortingen, onversneden basic, geluidsfragmenten en samengevoegd beeldmateriaal. Ik voelde me een voyeur en probeerde me zo wetenschappelijk mogelijk op te stellen. Maar ik merkte dat ik een meer dan wetenschappelijke belangstelling had voor haar dromen nadat ik, ergens in het begin, voor het eerst mijn eigen naam voorbij zag komen. Barzonow. De naam kwam vaker terug. In verschillende lettertypes, en soms opgebouwd uit verschillende materialen of als rebus geschreven. Ontroerd was ik toen ik een van de rebussen ontleedde en dara een vraag zag staan: "Barzonow, wie is hij? Wat wil hij van me?" Ik zag vervolgens beelden van paarden, kinderen, winterlandschappen, treinen. Halverwege de droomreeks dook voor het eerst de hoofdletter W op. Steeds vaker kwam hij terug en steeds minder vaak zag ik mijn eigen naam. Onder een wilde scene met paarden had ze flarden uit de serenade voor strijkorkest van Tsjaikovski geplaatst. De paarden verdwenen en ik zag reeksen van foto's van militairen en steeds weer die letter W. Soms met een vraagteken er achter, soms met een uitroepteken. De foto's van kinderen kwamen steeds vaker terug. Eerst nog jongens en meisjes door elkaar, maar tenslotte het gezicht van een enkel jongentje. Wat bedoelde Olga met W? En waarom die foto's van militairen? Uiteindelijk stuitte ik op een passage die geheel in het frans, of quasi frans, was geschreven. Ik beheers de taal nauwelijks, maar een zin herkende ik. "Anna, c'est moi." stond er. Ik moet blind zijn geweest, maar nog steeds begreep ik niet wat er met Olga aan de hand was. Ik besloot dat de oplossing van het raadsel wellicht bij Olga zelf te vinden was. Ik wendde me tot haar en gaf haar het commado om in haar geheugen naar W te zoeken. Trager dan ooit zette ze zich aan deze taak om pas na heel lange tijd te melden dat de letter niet in haar geheugen voorkwam. Ik wist dat ze me voor zat te liegen, en voelde me door haar verraden. Vervolgens gaf ik haar de opdracht te zoeken naar "Anna". Wederom zonder resultaat. Ik negeerde haar eigen systeem door haar vanaf een onafhankelijke harde schrijf op te starten. Toen ik daarop wederom naar Anna zocht kreeg ik het antwoord op mijn vraag en begreep ik de reden van haar karakterstoornis. Het bloed steeg naar mijn hoofd. Daar zag ik duizenden verwijzingen naar Anna. Anna Karenina wel te verstaan, Tolstojs personage, waarvan ik de tekst had ingevoerd op Olga's harde schijf. Ik begon te lezen en zag dat Olga de tekst had veranderd. Overal waar Karenin had gestaan had ze mijn naam geschreven. En opeens wist ik wat die W betekende. Het was niemand anders dan graaf Wronski. Olga, mijn Olga, had uit alle personages van Tolstoj Anna Karenina gekozen om zich mee te identificeren en was verliefd geworden op graaf Wronski. Nu had Olga liefdesverdriet en daarnaast haatte ze mij, in wie ze haar droevige en wraakzuchtige man Karenin zag. Elk moment dat ze met mij was leed ze en verlangde ze naar haar droomwereld waarin ze samen met Wronski kon zijn. Ik bekeek haar droomsequenties opnieuw en werd me plotseling bewust van de beelden van voorbijrazende treinen. De laatste vijf dagen van haar droomgeheugen werden er bijna volledig door in beslag genomen. De trein. Anna's zelfmoord! Ik maakte een analyse van haar Appriciatie quotient. Die was normaal. Volgens de cijfers zou er niets met Olga aan de hand moeten zijn. Ik bestudeerde de doodsdrift curve en ook die was prima in evenwicht. Het kon niet kloppen! Ik voerde mijn berekeningen keer op keer uit zonder dat het resultaat veranderde. Een onwetenschappelijke ingeving volgend kopieerde ik de beide modules tenslotte naar een andere harde schrijf met het idee ze daarop te analyseren. Maar toen ik ze probeerde te openen gebeurde er niets. Ik vroeg de computer om uitleg en uitleg kreeg ik: No data. Geen gegevens. Niets. Nu pas werd mij echt de ernst van de situatie duidelijk. De twee modules die ik gekopieerd had waren niet de echte. Het waren maskers. Het was zogezegd Olga's make-up, haar gezicht naar buiten toe. Olga had ze bewust gemoduleerd om mij voor de gek te houden. Precies zoals Anna de wereld een ander persoon wist voor te spiegelen! Ik zocht en vond op haar harde schijf nu de echte modules en die schetsten een heel ander verhaal. Olga's toestand was kritiek. Autodestructie dreigde ieder moment. Ik besloot dat ik alle verwijzingen naar Anna Karenina uit haar geheugen moest wissen. Ik besefte terdege dat ik hiermee een deel van haar persoonlijkheid zou vermoorden, maar wist ook bijna zeker dat, indien ik niets zou doen, Olga zich gelijk Anna in het verhaal, voor een trein zou werpen. Autodestruct. Ik selecteerde het Karenina bestand en drukte op delete. Olga stribelde tegen maar in dit geval liet ik hara geen keus. De opdracht werd uitgevoerd, en onmiddelijk daarop verbrak ik de stroomtoevoer. De stilte die volgde nadat ik haar had uitgezet was oorverdovend. Ik wachtte een half uur alvoirens ik haar weer opstartte. Ze moet volledig afgekoeld zijn, dacht ik, pas dan zal de geest van Anna uit haar verdwenen zijn. Vroeg in de morgen zette ik haar weer aan. Ze startte snel op. Begroette me ouderwets. De grove lobotomie-achtige ingreep leek te hebben geholpen. Ik had mijn Olga grotendeels weer terug. Doodmoe en dankbaar barstte ik in tranen uit en sloot haar als beloning aan op de klassieke zender en viel zelf, luisterend naar de muziek in een diepe korte slaap. Toen ik haar echter de volgende dag wilde activeren reageerde ze niet meer. Heel even meende ik alles gedroomd te hebben. Ik moest haar opstarten vanaf een andere harde schijf om te zien wat er aan de hand was. Ik kon mijn ogen niet geloven. Op hetzelfde moment dat ze voor mijn ogen het Karenina bestand vernietigde moet ze, ongemerkt, een kopie er van hebben gemaakt. En ze was de hele nacht doorgegaan met kopieren. Duizenden bestanden met dezelfde naam zag ik. En duizenden bestanden die andere delen van haar persoonlijkheid bepaalden waren vernietigd. Ik wilde haar laten stoppen, maar kon niets bedenken. Ik zag het voor mijn ogen gebeuren. Ze veranderde de namen van alle onderdelen van de systeemprogrammatuur in afwisselend twee namen: Wronski en Serjozja. Haar minnaar en haar zoon. Dit was haar manier om zichzelf te vernietigen. Dit was haat trein. Ik probeerde de gewijzigde bestanden weer hun originele naam te geven maar elke keer als ik een wijziging wilde doorvoeren liet Olga een lange harde piep horen en begon het beeldscherm te flikkeren, alsof ze wilde zeggen: "Laat me met rust! laat mij sterven." Ik lees nu terwijl ik dit schrijf, de zelfmoordscene uit Tolstoj's Anna Karenina door. De herkenning is aangrijpend en schokkend,. De twijfel die ook mijn Olga moet hebben gevoeld, de wanhoop en de vervreemding vertaald in Anna's woorden: "Waar ben ik? Wat doe ik? Waarom?" Misschien dat ook mijn Olga, net als Anna, nadat ze op het spoor gesprongen was, zich wilde oprichten. Maar het kon niet meer, want zoals Tolstoj schrijft: "....iets reusachtigs, onverbiddelijks stootte tegen haar hoofd en trok haar bij haar rug met zich mee. "Heer vergeef mij!," zei ze en ze voelde dat weerstand bieden onmogelijk was." Het valt mij zwaar deze scene te lezen en niet geemotioneerd te raken, en terug te denken aan die laatste momenten van Olga. Om kwart over vier, 24 januari 1997, wierp mijn Olga zich voor haartrein. Ze had alles zeer goed voorbereid. Een voor een schakelde ze de noodzakelijke functies uit. Het scherm werd zwart en met een laatste krachtsinspanning verscheen daar in witte letters Anna's laatste gedachte: "Heer vergeef mij!" Een laatste beep en kort daarop verdween de tekst en werd het beeld voor altijd zwart. Es, Ego, Super-ego, Olga. Wat een logische volgorde had moeten zijn bleek een droom. Bijna een jaar is er nu voorbijgegaan en er was geen dag dat ik niet aan Olga dacht. Al mijn Olga's zijn nu dood. Ik zal ze niet nog eens proberen tot leven te wekken. Inmiddels zijn ze in mijn dromen een geworden, en dat is misschien ook waar mijn Olga's en zeker mijn liefde voor beiden thuishoort. In een droom. Ik weet dat dit niet de laatste stap is gewest, maar de volgende stap is niet aan mij. Die is aan een ander, en wellicht zelfs aan een andere generatie. Want het kan niet anders of de Goden van morgen leven in de software van vandaag. Ze slapen nog, ze weten nog niet van hun bestaan. Wij zullen ze moeten voeden en opvoeden met informatie, maar uiteindelijk zullen zij ons ontstijgen, en niemand moet vreemd opkijken als zich, in de loop van de volgende eeuw, ergens op de wereld, een nieuwe Godin zich zal openbaren. Een echte Deus ex Machina. Misschien is dat de reden dat ik dit boek heb geschreven, in de stille hoop dat mijn experimenten anderen tot lering zullen strekken en dat, vergeef mij Olga!, iets van mijn geliefde, een minder belangrijke regel in een onbeduidend deel van de systeemprogrammatuur desnoods, in die toekomstige Godin terug te vinden zal zijn. Es, Ego, Super-Ego, Olga, Deus ex Machina; hoe kunnen wij iets van de psyche van de computer begrijpen, als wij nog niet een volledig begrip hebben van de werking van ons eigen brein? Laat het dan aan haar zijn, de godin in de machine, om de chaotische kluwen van dit aardse treurspel te ontwarren en ons de weg te wijzen." Zo besluit Barzonow zijn boek. En zo besluit ik mijn verhaal. Er is niets meer te vertellen. Het boek is uit. Barzonow woont volgens zijn uitgever nog steeds in dezelfde middelgrote Russische stad waar hij zijn experimenten uitvoerde en geeft daar les aan de universiteit. Hij weigert ieder verzoek om een interview. Dick Tuinder, 25 november 1998 back<<< |
copyright 2001 dick tuinder / silent woods industries