Memo: 211205/01
LEVENSTEKEN UIT DREMPELLAND
Nat. Instituut der Bijgedachten
Aan de voorzitter.
Van de werkgroep Kunst en Massa
memo: 211205/01
Voorzitter,
Met door het eerste bericht van de Minister van Kunst & Dood gescherpte oren vangen wij berichten op.
Berichten dat musea ten lande laagdrempeliger moeten worden. Het is daarnaast onze indruk dat men over de 'gehele maatschapplijke linie' stiekum droomt van drempelloze horizonten.
In de binnenhuisarchitectuur dienen drempels om de tocht tegen te houden, om afscheiding en indeling aan het huis te geven en om deuren beter te laten sluiten.
Dit nu precies is wat eventuele beschouwelijke drempels voor een museum of bijvoorbeeld een wetenschappelijke opleiding doen. Zij houden tocht tegen. Tocht die net als de luchtverplaatsingen in uw huis zelden veel kracht hebben, maar door hun aanhoudendheid toch iedereen ziek kunnen maken.
En de vraag is nog steeds: waarom? Waarom moeten steeds meer mensen naar het museum, terwijl ze daar steeds minder kunnen halen van wat het museum eens was?
Afgelopen week nog zagen wij in Teylers museum een bezoekster die met gesloten ogen, enkele minuten lang het zicht op een tekening van Michelangelo ontnam terwijl zij naar de uitleg van de audiotour luisterde.
Waarom moet dit gedrag worden gestimuleerd? Waarom is dit goed voor deze mevrouw?
Niemand die daarop een sluitend antwoord kan geven. En toch zien de Drempelverlagers daar liever 100 dan 1 van diezelfde vrouwen staan.
Want kunst - dat weet iedereen - is goed voor de mensen. Het is zoiets als vitaminen voor de zintuigen. Je kan er eigenlijk nooit te veel van nemen. Alles wat je lichaam niet nodig heeft pis je later gewoon weer uit. In een rapport van de PvdA lazen wij vorige maand zelfs de visie dat kunst kan en moet 'bridgen en bonden'.

Voorzitter, het zijn dit soort domheden die ons dwingen om, door tegenspraak, een positie in te nemen die wij liever hadden vermeden. Omdat het een belediging aan de ziel en ware aard van de kunst is haar als een soort sociale wonderlijm te zien.
En daarom zullen wij even kort door de bocht gaan als de denkers van de PvdA.
Kort en bondig komt het hier op neer dat wij in de algemene maatschappelijke conceptie die notie moeten implanteren dat kunst geen zegen, maar juist een ziekte is.
Denken wij aan kunst, voorzitter, dan zien we depressies, drankzucht, razernij, zelfmoord, echtbreuk, isoleercellen, hoogmoed, eenzaamheid, miskenning, armoede, geslachtsziektes en een met ganzeveer geschreven lijst met overige aandoeningen die wij u, voor de bondigheid en dragelijkheid van deze tekst, maar liever zullen besparen.
Het is een mooi beroep zegt men, maar wanneer we naar de feiten kijken dan moeten we concluderen dat het ook een zeer gevaarlijk beroep is.
De gemiddelde levensverwachting van dichters bijvoorbeeld is lager dan die van diepzeeduikers. En dat is laag.
zie hier
Had het een anderssoortige, niet artistieke beroepsgroep betroffen dan hadden niet wij, maar dan had Prof. Dr. Ing. Mr. Pieter van Vollenhoven hier vermoedelijk gestaan. En hij zou welzeker de regering hebben gemaand een onderzoek te gelasten naar deze 'onrustbarend hoge' sterftecijfers, en in de kranten zouden koppen staan als "Geheimzinnige ziekte treft bouwwereld".
Kunst is een ziekte. Noem het verhevigde verinnelijking. Noem het zintuigstress. Maar noem het niet naar zijn toevallig bijprodukt, een genoegelijk avondje uit. Noem het naar de oorzaak, de ziekte.
En wanneer dan na lang parlementair onderzoek wordt vastgesteld dat de beroepsgroep van de Dichters een weliswaar gevaarlijke maar - net als die van de diepzeeduikers - noodzakelijke is, dan zou een verantwoordelijke regering de vorm en inhoud van haar kunstbeleid op die notie dienen te baseren.
Dus niet willekeurig iedereen die een pen kan vasthouden stimuleren om zichzelf te uiten in kralenkettingen van clich_'s, maar juist een actief ontmoedigingsbeleid te voeren. En te waarschuwen tegen de mogelijke gevolgen voor de aspirant dichter en zijn directe omgeving. Alsdan een jongen of een meisje, ondanks de vaak afschrikwekkende maar altijd op feiten gebaseerde waarschuwingen, toch besluit om haar bijdrage aan de maatschappij te leveren - de risico's kennende - en kunstenaar te worden, dan dient zo'n stoutmoedig individu oprecht geeerd te worden.
Maar zoals gezegd, als niet de domheid ons er toe had gedwongen hadden wij u dit alles liever niet verteld.

PODCAST DES LEVENS
Tenslotte, voorzitter, doet de schreeuw om laagdrempeligheid vermoeden dat er een ernstig tekort is aan recreatie faciliteiten voor de weinig denkenden. En dat is merkwaardig omdat deze schreeuw eigenlijk bijna nergens in het land wordt tegengehouden door een inhoudelijk obstakel van formaat. Gans het land is feitelijk al drempelloos. Wij hebben toch al de Efteling en Carre en de Ikea? Waarom moet daar nog meer drempeloos genoegen aan toegevoegd worden?
Wij zien, meegesleept door onze verbeelding, een toekomst waarin het pas geboren kind nog voor hij goed en wel kan spreken een IPOD in zijn oren krijgt geplugd zodat hij aan de hand van een Audiotour des levens, zonder verbazing en verwondering, veilig en met gesloten ogen door het leven kan.
Wij stellen daarom voor om de drempelverlaging niet tegen te houden, maar juist te stimuleren. En wel in zo'n mate dat er venijnige valkuilen zullen ontstaan.
Dezelfde kuilen die de voorzitter al eens zag op de Narainstraat in Paramaribo. Diepe en door zon en regen verhardde poelen vervulden er, zonder enig onderhoud en bijkomende kosten, exact dezelfde functie als de kostbare en steeds weer verzakkende en onderhoud vergende verkeersdrempels in Nederlandse woonwijken.
(wordt vervolgd)
|