|
Doktor Faustus

Design for a mural in W139, Amsterdam.
In deze voorstelling Adrian Leverkuhn, de tragische componist uit Tomas Mann's Doktor Fautus,
die aan de hand van de ontdekkingsreiziger Capercailzie, de grenzen van het heelal verkend.
Op de volgende afbeelding een reeds geplaatste muurschildering die hoofstuk drie uit het gelijknamige boek tot onderwerp heeft.

Links een werk van Gijs Frieling, midden hoofdstuk 3, rechts een werk van Gijs Assman.
.......................................................
SCHERVENPLOT


Deze week (4 maart 2010) verschenen in de Groene Amsterdammer, waarin de tekst wel goed te lezen is.
.......................................................
WAY BACK

Martin Grootenboer en Maarten Ploeg, ergens in de jaren tachtig.
Foto van Peter Mertens die het onlangs met zijn negatiefscanner aan de vergetelheid ontrukte. Waardoor ik mij weer deze tekst van een aantal jaren geleden herinnerde.
HOMO NOSTALGICUS
Het is het verliezersdividend van elke oorlog. De verliezende partij heeft niet alleen de strijd, maar ook het gelijk verloren.
De doden zijn voor niets gevallen.
Toen Gunther Grass in de zomer 2006 bekende dat hij op zestienjarige leeftijd in het slotjaar van de oorlog bij de Waffen SS was gegaan stond Duistland op zijn kop. Niet alleen het feit dat de zestienjarige Gunther dat had gedaan, maar met name dat hij het al die tijd had verzwegen en ondertussen de meer overtuigde alte Kamaraden keer op keer fel aanviel was de oorzaak van de verbijsterde verontwaardiging.
Rond die tijd sprak ik met de schilder Domburg die juist een verblijf van tien jaar in Berlijn had afgesloten en teruggekeerd was naar Amsterdam.
Ik vroeg hem of, naar zijn mening, de Duisters ook de schoonheid van de symboliek van het geheel konden inzien. Dat juist het geweten van Duitsland al die jaren met dat geheim rondliep. Treffender zou niemand het hele dilemma van de Duiste herinnering aan die jaren kunnen verbeelden. De gedachte dat iemand de een leugen met zich meedraagt toch, of juist, de waarheid kan vertellen. Maar de schilder moest me teleurstellen: voor dat soort bruin-cafe reflectie was in het debat in Duitsland geen ruimte.
Een zestienjarige jongen die, terwijl de oorlog duidelijk op haar einde loopt, zich vrijwillig aansluit bij de verliezende partij: dat kan je toch nauwlijks een slinkse career-move noemen. Een schrijver denkt in dat geval al snel dat er andere zaken meespelen. Dat kind wil gewoon uit huis. Bij zijn moeder weg. Weg van de ellende van wachten tot er een bom op je kop valt. Zestien jaar. Naar huidige maatstaven nog niet eens kiesgerechtigd. Kan je daar iemand op afrekenen?
Zoals gezegd, niet zozeer de daad zelf alswel het zwijgen er over weegt zwaar in de duiste (media) beleving.
Enkele maanden na de bekentenis van Grass lees ik in de NRC dat de Griekse psycholoog Constantine Sedikides al enkele jaren onderzoek doet naar de betekenis en effecten van nostalgie. De nostalgische mens is, blijkt uit zijn eerste onderzoeken, gelukkiger en socialer dan een mens die veroordeeld is tot een leven in het heden. Nostalgie en nostalgische overpeinzingen leiden tot reflectie en uitbalancering van het individu.
Afgaand op de geschiedschrijving van de overwinnaars ontstaat het beeld dat het al die jaren in nazi-Duitsland voor iedereen een klote tijd was. Maar dat kan natuurlijk niet waar zijn. Miljoenen Duitsers moeten in die jaren hun jeugd hebben gevierd en zullen er stiekem goede herinneringen aan koesteren. Die eerste kus op een partijbijeenkomst in 1938, bijvoorbeeld. Zij moeten dat in stilte doen omdat het een ongeschreven wet is dat men niet met weemoed aan die jaren, zelfs niet aan deelmomenten, mag terugdenken.
Dat zal niet eenvoudig zijn geweest.
Geen ander tijdgebied is zo uitvoerig gedocumenteerd en in eindeloze nabeschouwingen levend gehouden.
(Niet de tweede wereldoorlog zelf, maar het verwerkingsproces en de nabeschouwing zijn het eigenlijke thema van de twintigste eeuw. Waar plaatsen we ons verleden nu we het niet meer zoals vroeger aan vrije en modieuze beschouwing kunnen onderwerpen, maar het verleden integendeel voornamelijk uit bewijsmateriaal lijkt te bestaan?
Dit embargo op de nostalgie is de voornaamste reden voor het grote trauma waarvan Grass afgelopen zomer plotseling de open wond bleek. De ossie-revival die kort daarvoor door het herenigde rijk zwiepte werd voor een belangrijk deel door inwoners van het Westen gedragen. Als was het uitgestelde nostalgie naar het Derde Rijk. De saamhorigheid, de parades, de primaire kleuren en de immer strakblauwe luchten van de propagandafilms: er was slechts een kleine kanteling van de symbolen nodig om de DDR op Hitler Duistland te laten lijken.
Nostalgie is, anders dan weemoed, een vluchtige emotie die zich ergens aan moet vastklampen om niet onmiddelijk te vervliegen. Het heeft een anker nodig. Een lichtval, een geluid, een geur of een foto van vroeger. Wat dat betreft is het veelbetekend dat de digitale data-cultuur in feite een groot pakhuis van de nostalgie is. Nooit eerder in de geschiedenis van de mensheid is er zoveel verleden gedocumenteerd. Nooit eerder had de mens zoveel harscherpe bewijzen van zijn eigen bestaan. En de bewijslast van het voorbije zal alleen maar zwaarder worden. Terecht noemt verslaggeefster Ellen de Bruin in het genoemde artikel de vele nostalgie-programma's veelbetekenend. De jaren tachtig lijken in de herhaling opeens verschrikkelijk ver weg. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat de tijdsververvuiling die deze nostalgie in feite ook is, in de komende decennia zal afnemen. Integendeel. En dat leidt tot de mooie paradox dat de homo-nostalgicus het wettige kind is van de digitale revolutie.
.......................................................

.......................................................
[Filmbeeld_int_TuinderWestelaken]
[kop] We functioneren alleen in onze rol

[lead] Om iets over de mens achter de filmmaker Dick Tuinder te weten te komen, blijkt dat we het beste naar zijn werk kunnen kijken. Op dit moment wordt er gewerkt aan de afwerking van zijn nieuwste film Winterland, waarin zowel Tuinder als producent Gijs van de Westelaken een rol vertolken. Een gesprek over hun samenwerking, hun ideeen en functies levert tussen de regels door toch nog een aardig portret op.
[auteur] Rebecca Breuer

Bij binnenkomst, als de fotograaf net klaar is met het schieten van haar portret, speelt Dick Tuinder met een tennisracket en bal. Ik kan het niet helpen even te denken aan de laatste scene van Antonioni's Blow Up, waar de groep surrealistische mimespelers die de film opent, de film afsluit met een potje tennis zonder racket. De fotograaf staat erbij en kijkt ernaar. Maar Tuinder is geen surrealist en zijn werk is niet zonder meer surrealistisch noemen. Tijdens het gesprek vallen namen van denkers als Freud, John Berger, Wittgenstein, Deleuze, Guatari en van de filmmakers Kubrick en Rodriguez. Tuinder is een denker, hij vlucht niet zomaar in een verzonnen wereld. "Dick trekt zich weinig aan van wat anderen hem opleggen, hij maakt gebruik van de vrijheid. De vrijheid om de dingen te zien op een manier die hij wil", verwoordt Gijs van de Westelaken treffend.

[tussenkop] Rollen en functies
Gevraagd naar de mens achter de kunstenaar Dick Tuinder, zegt hij: "Het ding is dat we allemaal voortdurend een rol spelen, er is dus eigenlijk helemaal geen mens die functioneert zonder een rol. Vroeger was dat veel eenvoudiger en trok je een uniform aan en was je een uniform in functie. Dit (wijst op zijn lichtgekleurde linnen blazer) is nu mijn uniform, dat draag ik voortdurend, dus ben ik ofwel de hele tijd mens, ofwel de hele tijd in functie. Dat doet me denken aan een quote van John Berger over de invloed van de fotografie op de mens. Voor de intrede van de fotografie wilde men altijd afgebeeld worden in functie; de burgemeester, de kapitein van het schuttersgilde, de koopman. Het opmerkelijke is dat wanneer de fotografie opkomt, mensen opeens gezien willen worden hoe ze echt zijn: 'They become subject to the modern lonely desire to be recognised as who they really are', schrijft Berger. In Winterland zie je dat terug in het feit dat volkomen onduidelijk is wanneer acteurs acteren, wanneer ze improviseren of wanneer ze hun tekst spreken. Ze houden ook altijd hun uniform aan, alleen Tara Elders wisselt een keer haar kleding, waar dan ook direct een opmerking over gemaakt wordt." Ik vraag Gijs van de Westelaken of hij denkt dat het uberhaupt mogelijk is om iemand anders te zijn dan wie je in het dagelijks leven bent. "Ik denk dat dat heel moeilijk is, ook voor acteurs. Enerzijds zou je zeggen dat acteurs dat juist doen, iemand anders zijn, maar in de praktijk klopt dat helemaal niet. Het valt me ook steeds meer op dat een goede acteur de hele dag door speelt, zelfs in zijn priveleven. Hij kan niet anders meer, hij zit echt in zijn rol en dan wordt de vraag of er nog steeds wel een echt mens is." Tuinder voegt toe dat je in een rol gedwongen wordt door de mensen en situaties om je heen: "Op het moment dat ik op een set sta, heb ik het gevoel dat ik de regisseur speel, dan moet ik overtuigen, richting geven en zeg ik misschien ook dingen met een stelligheid terwijl ik helemaal niet zo zeker ben. Ik merk dan ook dat ik, alleen, in mijn studio veel meer twijfel."
Tuinder heeft in Winterland de rol van Dick Tuinder op zich genomen, kunstenaar en regisseur, van de Westerlaken vertolkt de rol van een magnaat die een slaatje hoopt te slaan uit een Icariaanse ruimtereis door er voedzame lucht in te blikken. Was er een verschil tussen Dick Tuinder als regisseur van de film en Dick Tuinder als regisseur in de film te bemerken? Van de Westelaken antwoordt: "Ja, dat heb ik kunnen zien. Dick had als regisseur in de film een ander loopje, het was luchtiger. Misschien kwam dat ook omdat hij op blote voeten liep, maar het had een zwierigheid als van Italiaanse filmregisseurs als Felini. Alsof hij een grote bontmantel om zijn schouders had hangen," Dick Tuinder: "Als je geconfronteerd wordt met een lens - of die nu van een camera is, of van een oog - ga je je anders bewegen, beter articuleren. Ik werk anders als ik bekeken word. Het geeft een zekere spanning die ik wel prettig vind."

[tussenkop] Mens en film
Het verhaal van Winterland laat zich niet makkelijk uitleggen. Tuinder: "Een van de leukste scenes vind ik die waarin het gezelschap over de hei loopt en Tara zegt: 'Het begint niet wanneer je de dingen anders gaat zien, maar wanneer de dingen jouw aanwezigheid anders gaan beoordelen.' Daar draait volgens mij de hele film over. Daarnaast zit er in Winterland de angst om iemand te zijn, om af te zijn. Dat je iemand bent; dat de mensen zeggen dat is die en die en die doet dat en dat en dat dat dan altijd klopt. De figuren, ook die in mijn tekeningen, zijn allemaal alleen. Ik denk dat dat met de bewustheid van je persoonlijkheid te maken heeft. Wanneer je erachter komt dat je waarschijnlijk helemaal niet bestaat, zit daar een fundamenteel alleenzijn in. Ook in Winterland is er nauwelijks fysiek contact tussen de mensen, het is heel alleen. Voor van de Westerlaken is de scene waarin Tara Elders de kamer van Dick binnenkomt en klaagt over het feit dat ze steeds nieuwe teksten krijgt een sleutelscene. "De dialoog is bizar en niemand weet meer wat er aan de hand is, wat er echt is, wat er film is en wat er geacteerd wordt. En dat is precies waar de film over gaat. Het is een scene die tot stand komt vanwege het proces van filmmaken. Dick schreef die scene tijdens de draaiperiode naar aanleiding van een reportage van Dana Linssen gemaakt op de set van Winterland, getiteld: 'Eerbetoon aan Tara Elders'."
Het werken met een creatief team, tijdens de draaiperiode ging Dick goed af. "Op het moment waarop Sally (actrice Kiriko Mechanicus] verschijnt, realiseert iedereen op de set dat hij of zij in dezelfde film zit als een stripfiguur. Maar toch was iedereen heel open. Het is lastig uit te leggen, maar het was alsof men begreep dat het bijna niet ging over heel goed acteren, maar over op de een of andere manier gewoon zijn. Het is zoals Sally die nooit acteert, die is. Ze zegt het ook zelf: 'ik kan niet iemand anders zijn dan wie ik ben. Ik speel het niet, ik ben het gewoon'. En op de een of andere manier heeft dat heel aanstekelijk gewerkt op de andere mensen in de film."

[tussenkop] Film en werkelijkheid
Tuinder noemt Winterland "een kruispunt waar verschillende werelden bij elkaar komen. Het is als een vier-dimensionale foto van het moment daar in de studio waar de figuren bij elkaar komen. Ze leven daarna ook verder. Sally Dewinter duikt wel weer op in een verhaal, boek, website of tekening, [Hier misschien nog 1 of twee voorbeelden van de andere figuren]. Dat is ook vergelijkbaar met de manier waarop mensen zich presenteren op internet. Het is erg gefragmenteerd en door die fragmenten te verzamelen, bouw je een beeld van de persoon op, maar het verhaal is niet af." Van de Westelaken is van mening dat je vooral niet gespannen moet zoeken naar een verhaal van A naar B naar C in Winterland. "Je moet het ondergaan, op je in laten werken en dan kom je het vanzelf weer tegen. Wat me wel tegenstaat bij deze film is het feit dat de filmpraktijk zo ouderwets is. Je brengt een film uit, die draait een aantal weken en kan vervolgens de tour langs de festivals gaan maken. Dat is een standaardmodel dat vrij beperkend werkt. Juist van een film als Winterland kun je heel veel varianten maken. Dat zou veel vaker moeten gebeuren. Je neemt een beamer mee, de muzikanten, Dick en je kunt er een heel spektakel van maken. Op literatuur gebied zie je dat soort dingen al jaren gebeuren, maar veel regisseurs hebben blijkbaar het idee dat alleen de grote hit in de bioscoop telt. Toch blijft het gezien worden het belangrijkste. Tuinder: "Ik vind daarbij het juiste podium ook belangrijk. Een tekening zie ik veel liever in een tijdschrift dan in een museum. In een tijdschrift is het meer in functie en meer mensen zien het op een meer gelijkwaardige manier; men heeft een tekening in handen. In die zin vind ik het ook een prettig idee mijn film te vertonen op een avond die je zelf helemaal maakt tot wat het is. Er zijn plannen om in oktober met de band die de muziek voor de film gemaakt heeft en de film zelf een voorstelling te maken in de Melkweg, waarbij ik ter plekke zal schilderen."

v
Toch zal Winterland ook een reguliere premiere kennen, tijdens het Nederlands Filmfestival in Utrecht. Maar voordat het zover is moet eerst de nabewerking afgerond worden. Op de vraag wat het verschil was tussen het werken met Tuinder en met meer traditionele regisseurs, maakt van de Westelaken een duidelijk onderscheid tussen de opnameperiode en het voor- en natraject: "De opnameperiode was het meest normaal, daarin week Dick niet af van wat een standaard filmregisseur zou doen, sterker nog het liep enorm efficient. In het voor- en natraject is Dick juist weer heel anders dan een standaard filmmaker, hij maakte bij wijze van spreken elke week een ander scenario. Het uiteindelijke scenario ligt, gek genoeg, heel dichtbij het oorspronkelijke, maar tussendoor is het allerlei kanten opgegaan - het kost Dick geen moeite om binnen een dag alles om te gooien. In de afwerking en montage zie ik hetzelfde. Dick monteert zoals hij een schilderij maakt; je kunt er eindeloos dingen aan veranderen. Maar ook hier ben je uiteindelijk gebonden aan mensen die een finaal product willen hebben om af te werken. In de toekomst wordt dit ongetwijfeld anders en kun je als regisseur ook daadwerkelijk zelf als een kunstenaar te werk gaan en alle stappen afronden. Tot het zover is, moet je schipperen."
.......................................................


.......................................................


.......................................................
Final Cut 2010

Monday 01 Feb 2010, 20:15 hrs. Cinerama 2
Rotterdam International Film Festival
"Dutch Treats"
.......................................................
MOVIE OF THE YEAR 2009
The making of' is a subgenre that is well on its way to become genre on its own terms.
One of the reasons why the making of has become such an important theatrical stage, is that it is the only means we, the audience, have to humanize the monster that modern cinema in most popular cases has become.
After the audience has been thouroghly stunned by a world of effortless high definition, it is a mental comfort to have a pale and lowres look behind the scenes.
It is essential for the meaningfulness of the making of to be of a technically socalled lower standard.
It should in other words in no way resemble the lush reality of the cinematic product itself.
Its casualness and careless dealing with time has sadly become the anti-world of that which we deem real.
An exceptional factor in the case of this making of is the fact that the movie which is the subject also deals with the making of a movie and contains several 'behind the scenes' scenes.
Casualness is hence in abundance.
Ofcourse this was all intended, as our gift to reality.
We thank and congratulate our dear friend Aryan Kaganof for contributing in his unequaled way,
in the construction of this hall of mirrors, and we wish him many chimeras to come.

badlit.com
Mr. Aryan Kaganofs Outstanding Blog
MONKEY BUSINESS recorded


PIRATES recorded

WINTERLAND live recorded
| |