|
The 20th Century Artist ![]() The Birth of Science ![]() ![]() DRAWING CINEMA ![]() ![]() KAFKA ![]() ![]() ......................................................... FIRST RECORDINGS ![]() ......................................................... Overweldigend gedetailleerd ![]() Vlooien naar legitimiteit Het grootste en vermoedelijk enig echte vraagstuk van de hedendaagse kunst is haar legitimiteit. Die moet voortdurend bewezen en verdedigd worden. Alle kunst is in eerste instantie illegaal. Een ongewenste buitenstaander. Een ding waarmee je vaak niets kan en dat toch veel geld kost en waar je, aantoonbaar, voor het moment van schepping, zonder hebt kunnen leven. De waarde en legitimiteit van een kunstwerk wordt in belangrijke mate bepaald door de plek waaraan zij gekoppeld is. Een schilderij in een museum is toch zoiets als een gekooid dier, een zich prostituerende vrouw, een onderdanige. De kunstmarkt is te weinig een plek en te veel een fluidium om een kunstwerk werkelijke waarde of legitimiteit te geven. De kunstmarkt lijkt integendeel gefundeerd te zijn op de intrinsieke waardeloosheid van de voorwerpen die zij verhandelt. Die staat immers garant voor de hoge rendementen. Als de kunst echt iets waard was geweest, zou de handel veel rustiger zijn. Een kredietkrisis in de kunst is derhalve geheel niet denkbeeldig. Maar dat zal ongetwijfelt niet het einde van het verhaal zijn. Optimisten en pessimisten hebben op de lange termijn altijd allebei gelijk. Wij bevinden ons ergens halverwege een culturele crossfade. Veranderende ideeen over tijd en plaats en legitimiteit geven de wereld een geheel nieuwe aanblik. Doordat we anders denken en handelen, is de omvang en aard van de wereld radicaal veranderd. Dit lijkt een onontkoombaar proces, juist omdat het zich in de meest alledaagse bezigheden vertaald. In praten, kijken, luisteren. Wij zien, massaal, de wereld zoals die nog nooit gezien is. Complexer en eenvormiger. Overweldigend gedetailleerd en massaal en terzelfdertijd gruwlijk eenzaam. Wij passen ons aan aan die nieuwe omgeving. Razendsnel. Spiegelen ons aan haar beeld. Overweldigend gedetailleerd en gruwlijk eenzaam. En tot de tanden bewapend voor alle mogelijke vrijetijdsbestedingen. Heeft de mens nog kunst nodig nu hij bijna ongelimiteerd kan doen wat hij het liefste doet, namelijk foto's maken van zichzelf en zijn medemensen? De hoeveelheid foto's die van ons genomen worden bepalen in belangrijke mate onze sociale waarde en legitimiteit. ![]() De wijze waarop mensen elkaar fotograferen en elkaar daarna, terwijl het eigenlijke moment nog maar koud dood is, de foto's ervan te laten zien, lijkt in aandoenlijke primitiviteit veel op het collectieve vlooien bij Chimpansees. Wij vlooien met onze fotocamera's de tijd op momenten waarin we, aantoonbaar, lieve, leuke, knappe, grappige, kortom gewenste en volstrekt legitime passanten zijn. Mensen waarvan geen foto's bestaan zijn uiterst verdacht. Zij laten zich niet vlooien. Kan ook zijn dat niemand het wil. Anywhich way: it stinks. De vraag, nogmaals is of de klassiek hedendaagse kunst, schilderijen, beelden, installaties, haar legitimiteit kan bewijzen in een werkelijkheid die in belangrijke mate wordt bepaald door de losbandige zelfobsessie van de mens. Er valt immers nog zoveel meer te zien? Het enige antwoord op die vraag is dat kunst het domein van een visuele elite wordt. Die groep zal in getal groter zijn dan ooit, en dus een realistische niche-market zijn voor slimme ondernemers, maar is altjd maar een klein fragment van de totale werkelijkheid. De uitingen van deze elite, hoewel potentieel licht winstgevend, verdienen het dan ook om grootmoedig en genereus ondersteund te worden. Niet uit staats- of eigenbelang, maar gedreven door een enigzins melancholieke overtuiging dat er naast die krankzinnige hoeveelheid mensenfoto's die er op de wereld in plakboeken en op harde schuiven staan, talloos veel miljarden ogen die in de leegte staren, dat er naast die spookachtige berg van mensenhoofden ook nog een andere werkelijkheid moet zijn. Het komt dus allemaal goed. Ga maar rustig slapen. En haal je maar niets in je hoofd, want beter zal het ook niet worden. ......................................................... WINTERLAND ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ......................................................... ENTREE-GATE Wat is er mis met een deur? van onze nieuwsdeks. 17 april 2008, amsterdam De entree van de nieuwbouw van het ooit vermaarde Stedelijk Museum Amsterdam kost dus 1.5 miljoen per jaar aan stookkosten en beveiliging. Zo wordt ons althans in 2008 gemeld. Want de kosten van de olie zullen zeker niet dalen. De directeur van het het huidige Stedelijk houdt nu alvast, schaamteloos zo lijkt het, zijn hand op bij de Amsterdamse gemeenteraad. Wat zouden zijn argumenten zijn? "Luistert u eens, we hebben het hier over de entree van een museum van Moderne Kunst weet u wel. Moma, Bilbao, dat zijn onze concurrenten. Daar moet u aan denken. Drommen rijke cultuurtoeristen. Rekent u maar uit. U moet dit groots zien. Denk eens aan de Chinezen bijvoorbeeld." Langs die lijnen van publieksgerichtheid en global competitiveness zal er worden geredeneerd. Langs lijnen van flauwekul kortom. Middels deze Entree-gate affaire heeft de museale wereld zelf nog maar eens onderstreept dat het in het afgelopen decennium van de kunst richting het infotainment is opgeschoven. Die energievretende, niet te beveiligen entreehal (waar menig postbode ongewtijfeld vergeefs zal zoeken naar een brievenbus om de rekening van de Nuon in te deponeren) staat in directe verbinding - conceptueel gezien - met het gekmakende gemurmel van de audio-tours en de van te duur goedkoop drukwerk uitpuilende museumshops. Drie miljoen, want zoveel zal het uiteindelijk wel ongeveer worden, daar kun je een fijne zogenaamd artistieke speelfilm van maken. Volgens de jongste gegevens zelfs een stuk of 10. Je kunt er een leuke kunstprogrammering van samenstelling. Er kunnen, volgens de maatstaven van het Fonds Beeldende Kunst ongeveer 90 Werkbeurzen van worden uitgedeeld aan actieve kunstenaars. Men kan het ook gewoon direct aan de Nuon overmaken. Die entreehal, dat voel je nu al, dat wordt de Betuwelijn van de Amsterdamse Museale wereld. 17 jaar lang is men reeds bezig het museum klaar te maken voor een schitterende toekomst die inmiddels, zoveel is wel duidelijk, allang gepasseerd is. Hoe lang wordt deze farce nog volgehouden. Wanneer worden de verantwoordelijke bestuuurders, de ouwe jongens en hun krentebrood, op hun van elke visie bevrijde borrelplannen afgerekend? Het Stedelijk Museum soupeert een behoorlijk deel van het Amsterdamse kunstbudget, terwijl we ons inmiddels moeten afvragen of dat nog wel terecht is. Deze twijfel zaaiend weet u al het antwoord. Het is antwoord 2: nee. Het Stedelijk hoort, samen met het Rijks en het Van Gogh te vallen onder de post Horeca en Toerisme. Ik mag toch aannemen dat Het Anne Frankhuis en Madame Tussaud ook niet onder het beleid van de Amsterdamse Kunstraad valt. Waar is het ontwerpbureau dat zijn verantwoordelijkheid dient te nemen? Waar is de directeur die zich de ogen uit zijn kop schaamt? Waar o waar is die eenvoudige deur, die het in de afgelopen paar duizend jaar zo uitstekend heeft gedaan? Waar is de wereld die ik ken? Waar is de Al Qaida die zich om dit soort werkelijk relevante geloofszaken boos maakt? ![]() (bron: NRC handelsblad/webeditie) ......................................................... Winterland ![]() ......................................................... Drawing Attention ![]() ......................................................... ![]() ![]() Centraal Verdediger ![]() ......................................................... PROJECT ICARUS ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ......................................................... BELGENBLUES ![]() ![]() ![]() ......................................................... Toerist in Mensenland 2. Diefstal Kom. Sta op. Het is een mooie zomerdag. Het groen dat zo goed getroffen is. En het blauw, altijd zo exact. De wereld is perfect. Je zou niet weten hoe het anders moest. Het is een mooie zomerdag. Kort voor de oorlog. als het geluid verdwijnt. En alles gaat bewegen. Kom. Sta op. We zijn begonnen. ![]() Alles komt van ver. Alles was er al. Je wordt geboren en je wordt wakker terwijl de voorstelling al ruim over de helft is en je derhalve voortdurend moet gissen naar wat er aan de huidige situatie vooraf is gegaan. De avond valt en het is stil in de kinderkamer, en in de verte klinken het geerodeerde geluid van stemmen en muziek, als een eiland in de verte dat voortdurend in een nevel van pasteltinten aan het oog ontsnapt. Na een lange lange dag van geheimen en stille avonturen (het gras, de fiets, de niet stuk te kijken plaatjes van een stripboek) is de dag plotseling voorbij, maar de zintuigen zijn nog niet moe. Ze willen meer, als halstarrig licht dat zich na zonsondergang vastklampt in de warme stenen van de torenflat. Ook jaren later, toen hij over tal van andere zaken, die hem eigenlijk veel vreemder waren, een gedachte kon vormen bleef het een raadsel wat er destijds precies was gebeurd. Welke kleur had de paniek gehad? Hoe had het stof stil gehangen? Waarnaar had hij gekeken toen het hem verteld werd, en wat had hij gezien? Men zegt dat een kind zich aan alle situaties aanpast. In werkelijkheid past het zich niet aan, maar tooit zich met een masker. De dagen en jaren daarna gingen door. Helemaal vanzelf. Warme zomers met een spiegel in de hal waar, als bij afspraak, al maandenlang niet in werd gekeken. Winters met veel kunstlicht. Het was een magische tijd. Met reizen naar de maan. Wonderstampot. Een van de acht en hele lieve buren die in onvoorstelbare weelde leefden. Het zinnebeeld van die weelde was de zojuist uitgevonden contactlens die op het puntje van de fijne, nauwelijks door fysieke arbeid getekende en verwarrend sierlijke vinger van de knappe buurvrouw balanceerde. De tijd van jaren klonterde samen tot een zielloze bal waarin geen lijn, geen toekomst en verleden viel af te lezen. Het was niet meer zijn tijd, maar de tijd van het drama dat alles overstemde, alles kleurde en dat elke andere betekenis van dingen in haar schaduw zette. Dit soort dingen, wist hij nu, gebeurden, er was niets aan te doen. En je ging er ook niet per se dood aan. Het onheil had zich al een aantal jaren voordat het zich voltrok aangekondigd. Vader nam de foto's. En zoals alle huisvaders in die vooruitgangsjaren, nam hij de fotografie uiterst serieus. Iets tussen hobby en een van nature hem toebedeelde taak in. Elke foto was een afgewogen moment. De maker van de foto was de Afweger. Niet een taak voor vrouwen of kinderen. Het was vanzelfsprekend dat niemand anders dan de beroepshalve Vaak Afwezige het zware mechanische toestel uit de naar zacht leer ruikende, maar stevige beschermhoes mocht halen en gebruiken. En dus stonden alleen zij op de foto. De rest van het gezin. De afweger zelf bleef buiten beeld. En opeens viel ook het geluid weg. Zijn naam werd niet meer anders dan tussen twee enorm grote aanhalingstekens uitgesproken. Over de persoon in kwestie werd zo min mogelijk nagedacht. Maar uiteraard nam het totalitaire regime dat in de ruine van het gezin de macht had gegrepen geen genoegen met enkel controle over het heden. Ook de herinneringen moesten gezuiverd worden. De retoucheerafdeling maakte overuren. Hij verdween uit de fotoalbums, maar ook uit de verhalen en tenslotte, veel sneller dan men voor mogelijk zou houden, bijna compleet uit de dromen en gedachten, en het was alsof hij nooit had bestaan. De vakantiefoto's hadden, zo bleek plotseling, zichzelf genomen. Het kind concludeerde dat hij lid was geworden van een geheim genootschap. Een select ensemble van buren, ooms, tantes en het hoofd van de lagere school die Zijn naam niet uitsproken. Die het niet over hem hadden. Nooit niet. Verenigd in dit zwijgen vormden zij een cordon sanitaire rondom het geheim waarvan het bestaan ontkend- noch bevestigd kon worden. Geheel onaangenaam was dit niet. Want wat was er heerlijker dan zich op een stille zondagochtend compleet te vereenzelvigen met het grote drama waarin hij slechts een pion was, maar toch zachtjes in zijn hoofd de woorden herhalend: "Het moest zo zijn." ![]() Ondervrager: "Uw moeder ontkent dit verhaal?" Verdachte: "Natuurlijk. Ze zegt dat het onmogelijk had kunnen gebeuren. Dat wij te klein waren om alleen in de stad te zijn. Dat ik het verzonnen heb." Ondervrager: "U twijfelt aan uzelf?" Verdachte: "Soms... nee! Niet aan mijzelf. Maar aan dat kind." Ondervrager: "Met een koffer vol liefde..." Verdachte: "... voor een gesloten deur. Precies. U kent het verhaal." Ondervrager: "Toch zou ik graag uw versie willen horen." Verdachte: "Welnu. Op een middag toen ik met mijn oudere zus in de stad was kwamen wij in de buurt van het huis waar hij, de Naamloze, met zijn nieuwe vrouw woonde. Een oud monumentaal huis, met een werkplaats in het voorhuis. Twee reusachtige werkbanken, waarop potten verf, glaslijm, glassnijders en vele soorten glas in exotische kleuren lagen uitgestald. Ik vond het hoogst aantrekkelijk. Ik had hier gelukkig kunnen zijn. "Zullen we naar Papa gaan? Maar niet aan Mama vertellen!" zei zus. Zij wist blijkbaar waar hij woonde. Ik wist niet hoe zij aan de kennis kwam, maar ik durfde haar er niet naar te vragen. In een wereld die groter was dan wij aankonden liepen we naast elkaar de vreemde, licht omhooglopende straat in. Daar was het huis. Ik had er net zo goed aan voorbij kunnen lopen. Maar nu herkende ik de naam die met sierlijke en enigzins overdreven krulletters op de deur was geverfd. De deur rook naar stopverf. We moeten binnen zijn gelaten. Want plotseling stonden we daar. En opeens was de wereld die even daarvoor nog collectief was verzwegen weer compleet. Maar niets was hetzelfde. Want dat wat vertrouwd was, leek nu als iets van heel ver weg. Het huis was zo anders dan dat waar wij vandaan kwamen. Daar waren zorgen en hier heerste zorgenloosheid. Daar zaten we in een gevangenis van achterstand. Hier hing laveloosheid aan de gordijnen en worsten en strengen verse knoflook in de keuken. In de kamer stond een gietijzeren potkachel. Funky rieten vloerbedekking. Antieke boerenstoelen. Hier althans was de wederopbouw voltooid en dit alles, deze luxe en casual hipness was ons ontnomen. Ik herkende als van lang geleden de tropische trofee'n, de stenen bijl en de maskers die de Naamloze aan zijn tijd bij de Koninklijke Onderzeebootdienst had overgehouden. Ik was er mee opgegroeid. Had er enkele van de beste jaren van mijn vroege jeugd naar zitten staren. Ik kende ze als het ware uit mijn hoofd. Maar net zoals de Naamloze waren ze bij zijn vertrek uit mijn herinnering gewist. Nu ik ze voor het eerst sinds een jaar weer terugzag begroetten we elkaar als oude bekenden en realiseerde ik me dat ik die bijl en dat masker meer had gemist dan de Naamloze zelf, en dat we hier met een moeilijk te omschrijven en bewijzen vorm van diefstal te maken hadden. We vertrokken in een sfeer van geheimzinnigheid. Het was al donker buiten. We reden met de bus naar huis en hebben er nooit meer over gesproken. Er was niets om over te spreken. Want wat we hadden kunnen bespreken bestond officieel niet. De Naamloze hebben we 25 jaar later nog eens gezien. Maar we hebben hem nooit leren kennen." Ondervrager: "Dank u. U kunt gaan." ......................................................... Toerist in Mensenland 1. De nieuwe wildernis Kaapstad, 2006. Als jaarringen liggen de sloppenwijken rondom de metropool. Wie de stad vanuit het binnenland over de pijnlijk nauwkeurig onderhouden snelweg nadert, stuit reeds tientallen kilometers voor het stadscentrum op de jongste en meest povere aanwas van deze stedenbouwkundige kanker. De hutten zijn schameler, bouwvalliger, geimproviseerder en vrijer geplaats dan die van enkele kilometers verderop. Hoe dichter men de stad nadert, des te meer orde er in de schijnbare anarchie komt. Plotseling staan er tussen de eindeloze huisjes lantaarnpalen en lopen er over de daken heen elektriciteitsdraden. Tussen de verschillende blokken hebben zich in de loop der jaren hoofd en zijstraten gevormd. Nog weer dichter bij de stad staan er tussen de krotten af en toe kleine huizen die opgetrokken zijn uit steen. En plotseling, na kilometerslange, adresloze bebouwing daagt het besef dat deze sloppen, in weerwil tot hun geimproviseerde vormgeving, niet tijdelijk maar permanent zijn. Ze zijn hier, als de afgekoelde afzettingen die een mensenvlees spuwende vulkaan over het land heeft doen stromen, en ze gaan niet meer weg. Zoals haar kleinere broeders in de vrije velden dienen ook deze uitgestrekte sedimentvelden als compost en menselijke brandstof voor de metropool. En wie zich probeert voor te stellen hoe iemand die in dit veld van krioelend en woekerend leven is terechtgekomen, er ooit weer uit moet ontsnappen, denkt zich blaren op zijn verbeelding en erkent tenslotte de almacht van het toeval en moderne wonderen. Ondanks het enorme achterland waar een ieder met gemak en met ruim uitzicht zou kunnen leven trekt de metropool als een een architectonisch zwart gat onverbiddelijk meer en meer menselijke materie aan. En daar eenmaal aangekomen vermenigvuldigd het leven zich kwadratisch, de mechanische wetten van de genetica en hormonen volgend. Het achterland blijft, als door fysische krachten leeggezogen, ontzield en betekenisloos achter. Dezelfde processen zien we terug in de metropool zelf waar de hypermarkets en de als themaparken vormgegeven shoppingsmalls van de omringende wijken een even betekenisloze overnachtingsplaats hebben gemaakt waar men leeft achter gesloten deuren, met de buitenwereld verbonden via virtuele en hygienische communicatiekanalen. Dit alles is in zoverre een abstractie van een ooit gekende werkelijkheid geworden dat het bijna onmogelijk is het werkelijk te kennen, of er een oordeel over te vellen. De enige inhoudelijke referentie die de beschouwer, naast de fysica, ter beschikking staat is die van de pornografie. Wie dit pornografische sjabloon over deze werkelijkheid legt, herkent in alles dat door deze op hol geslagen wereld wordt geproduceerd de signatuur van 's werelds grootste en snelstgroeinde industrie. Geisoleerd van het zachtgolvende perspectief van de seizoenen en bevrijd van de blinde terreur van de nacht, meet de werkelijkheid zich voornamelijk nog aan het ritme en de snelheid van de impuls. Alles moet op dit moment gebeuren. Het moet NU waar zijn. Als het niet onmiddelijk kan worden gezien, geconsumeerd of verkocht betekent het niets. Wanneer men vanuit de metropool, langs de sloppenwijken heen naar het binnenland afreist wordt de wildernis reeds na enkele kilometers rijden aangekondigt door het geleidelijk afnemen, en tenslotte geheel verdwijnen van de buitenreclame. De billboards met stijlvolle toekomstdromen worden, alsof wij bij het beklimmen van een berg langzaam de boomgrens naderen, schaarser en kleiner. Voor de mensen die hier wonen worden geen produkten gemaakt. Zij zijn geen markt. Ze zijn brandstof. En ze zijn derhalve, in zekere zin, vrij. Wanneer je over de eerste culturele schok heen bent, en nog eens om je heen kijkt, zie je niet de allergrootste ontevredenheid. Integendeel. Veel mensen lachen. Lijken niet echt een groot probleem te hebben met hun leven. Een van de voordelen van het leven buiten de stadsgrens is - naast dat men geen huur hoeft te betalen - het feit dat men niet aan allerlei opgeklopte sociale verwachtingen hoeft te voldoen. De bewoners van de sloppenwijken zijn in die zin vrij dat zij niet door de media worden aangeraakt. Ze komen in de reclame en de verslaggeving van de werkelijkheid nauwelijks voor en hoeven zich er dus ook niet toe te verhouden. Ze leven buiten het overspannen beeld dat diezelfde verslaggeving van de werkelijkheid genereerd. De nobele wilde van deze dagen is iemand die geen ipod in zijn oor heeft hangen en geen eigen website heeft. Een wereld zonder ziel, zonder een geloof in iets dat groter is dan zijzelf en dat buiten haar innnerlijke beschouwing en wezenseigen driften ligt, is een wereld die zichzelf onherroepelijk veroordeeld tot de dictatuur van de pornografie, die de hanteerbare, in hapklare porties geserveerde verdoving is tegen de fantoompijn van deze auto-amputatie. De dictatuur van de horden en hormonen. Van koop- en kijkcijfers, van modekleuren, impulsen en lifestyle. ......................................................... Travels with Mo Mohamed, ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ......................................................... Buy-a-Kiss Superstore Een groot deel van de ontroerende plechtigheid ging aan me voorbij omdat ik niet op kon houden te kijken naar de schouders van de vrouw die links van me stond. Ze waren bijna geheel ontbloot en gingen schaamteloos gebogen. Niet als teken van neerslachtigheid, maar als bewijs van aandacht. Concentratie. Verwondering. Ze was tenger, maar niet mager. Haar huid toverachtig gedrapeert rondom pure anatomische perfectie. Om haar koopwaar nog aantrekkelijker te maken had de Schepping, on top of die perfectie, een aantal werkelijk onweerstaanbare gadgets toegevoegd. Zoals die paar haartjes onderin haar nek die zich niet in het elastiek hadden laten vangen, en als blinde wimpers naar mij lonkten terwijl zij mijn blikken meed. Je leest er wel eens over, maar in het echt zie je ze zelden zo perfect. Zo precies in hun geheimzinnigheid. Maar de meest verwarrende schoonheid van haar wezen, het ankerpunt waaraan al dat andere vastzat en betekenis gaf was de ernst waarmee ze glimlachte. Ze glimlachte alsof zijzelf de cenrale figuur in de ceremonie was. En ze glimlachte alsof ze dit alles vanuit een baan om de Aarde beschouwde, en niet, zoals in werkelijkheid, vanaf het eerste balkon. En het meest verbazingwekkende was dat ze tegelijkertijd op beide plekken was. Maar niet hier. Waar ze ook was, hier, waar ze tijdelijk haar lichaam had geparkeerd, was ze zeker niet. ![]() Drie uur later waren we als oude bekenden. Vond ik. Ze stond met een keurige jongen te praten en ik blies over haar schouders. Dat was een goede zet. Ze keek me lachend aan. En hoewel ik iets te lang doorging met blazen overschreed ik nog net niet de kritische grens. Ze spuugde in haar hand en zei enchante. Ik vertelde haar wie ze was, en ze zei Je hebt helemaal gelijk. Wat uiteraard niet het gelijk was dat ik had willen hebben, omdat dit gelijk haar tevens bijkans onbereikbaar maakte. Voor mij, voor zichzelf en onbereikbaar, in meest brede zin, voor simpel geluk. En terwijl we aldus, overmoedig, dronken van het avontuur dat lokte, de eerste stappen zetten op een vreemde oever, belandden we in een korte filosofische discussie die vanwege mijn inbreng weliswaar levendig was, maar nimmer het LOI niveau ontsteeg. En daarom zeg ik dit: de belangrijkste reden waarom de mens over het algemeen niet leert van zijn fouten is dat hij ze direct weer vergeet. Dat is geen kwestie van karakterzwakte of teken van degeneratie. Deze foutenblindheid zit genetisch ingebakken in het diepste fundament van ons wezen. De schepping leert niet van haar fouten, maar van haar successen. En dat is een strategie waar eigenlijk best wel wat voor te zeggen is. Van je fouten kan je immers alleen maar leren dat het anders moet. Successen bieden een statisch veel grotere kan op werkelijke, op eerdere resulataten gefundeerde verbetering. Dus ga maar na. Fouten hoef je niet te onthouden. Het is een evolutionair bijprodukt van generlei waarde. De meeste fouten die we maken blijven daarom altijd een raadsel voor ons. Wat ging er fout? Waardoor veranderde de stemming? "Als je dat wil ben ik bereid om, ook na ons huwlijk, jou, gezien ons aanzienlijke leeftijdsverschil, een financiele vergoeding te geven voor bepaalde sexuele handelingen." Dat ging ook nog goed. "Hoeveel kost een kus?" Ze glimlachte zakelijk: De kus is het duurste. Maar ergens tussen halverwege en het einde van het gesprek ging er iets fout. Het omgevingsgeluid nam in sterkte toe. Plotseling konden we elkaar niet meer verstaan. En zij wees er op dat dat laatste waarschijnlijk puur een psychische kwestie was. Ze weet niet wat ze wil met het leven, en het is duidelijk dat het leven ook een beetje zoekende is wat haar betreft. Ze is oprecht in haar vertwijfeling, maar van paniek lijkt geen sprake. Ze weet eigenlijk alles al, maar de vraag is of ze het kan geloven wat ze weet. "Je kan ook gewoon zijn. Ik bedoel zijn als in 'zijn'. En daarna deed ik iets niet goed, en ze liep weg. Ik bleef met de nette aardige jongen achter die de gehele tijd niet van de conversatie was geweken. Hij keek mij aan. Ik keek hem aan. Hij keek snel naar zijn schouders, en toen weer naar mij. Ik keek naar zijn schouders en langzaam naar hem. Schudde zacht maar beslist mijn hoofd. No luck motherfucker. Op het eind van de avond rende ze, zonder iets te zeggen naar een taxi. Er zat iets serieus romantisch in die vluchtbeweging. Betekenisvoller althans dan een halve omhelzing met een geheel mislukte zoen. Dan toch beter dit schichtige hertengedrag. Dat was tenminste echt iets. Haar taxi reed weg en ik stond in contemplatieve dronkenschap van enkel gin en water als koddig wapperend speeltje van een uitbundige voorjaarsstorm voor het Centraal Station en schudde mijn hoofd in verbazing over het feit hoe ik uit de meest pijnlijke en vernederende situaties altijd nog zoveel moois kon halen. De terugweg besteedde ik aan het vraagstuk hoeveel een kus zou moeten kosten en hoe de winkels er uit zouden moeten zien waar je ze zou kunnen kopen. De prijs, besloot ik, zou die van een pakje sigaretten moeten zijn. De kus als alternatief voor de nicotine. Vooral in de weekenden en de zomervakanties zou het natuurlijk een ideale kans zijn voor meisjes en jongens om een leuk zakcentje bij te verdienen. En overal zouden we winkels openen, maar het hoofdkantoor en de Buy a Kiss Superstore, waar alleen de allerbeste zoeners werkten, was gesitueerd op een Caribisch eiland en zij en ik waren algemeen directeur. Maar dat deden we heel losjes. En stijlvol. En bijna elke avond gingen we dansen onder een tropenhemel. Zij, ik en verder alleen maar negers. ......................................................... DAILY NOTHING 1.5 OUT NOW ![]()
Zeventien gloednieuwe en/of opgepoetste verhalen. ......................................................... De ANTI-TJAN ![]()
![]() ......................................................... 10 years ago ![]() ......................................................... ARTISTIC GENIUS ![]() ![]()
......................................................... Sarko & Celia ![]() ......................................................... Heimwee naar ![]()
![]() ......................................................... MORE NOTHING ![]() ......................................................... MORE ILLUSTRATIONS ![]() ......................................................... CARLOS SUNTANA ![]() ![]() ![]() ![]() FREAKS RULE ![]() GAROOVA
ILLUSTRATIONS ![]() ......................................................... VEEL LIEFS EN TOT ZO .........................................................
![]() Ja zeg moppie, ik had je net aan de telefoon en oh jeetje wat vind ik jou leuk zeg! Dat jij mij ook aardig vind weet ik wel, maar misschien droom ik ook wel zo over je omdat ik denk dat jij zoooo ontzettend leuk bent en ik wel aardig." E. ......................................................... 1990 "Als de zon de grachtengordel streelt en het binnen stil is, is het moeilijk om dit lekkere huisje te verlaten. De nacht was super heerlijk. Voor jou wat kort en voor mij een aaneenschakeling van droombeelden. Het zou zo'n ochtend kunnen zijn geworden dat ik weer verlegen rood aangelopen in mijn koffiekopje zou staren. Gelukkig heb je je verontschuldigd voor jouw wangedrag." Y. ......................................................... ![]() ......................................................... 1991 "Om elf uur werd ik wakker. Nog half verwikkeld in verplichtingen in Alaska zodat ik nu nog probeer te begrijpen wat ik toen fout heb gedaan en sterker what the hell ik daar deed. Msschien is er een connectie tussen de twee dingen. Vandaag hebben alleen mensen voor W. gebeld. Je hebt gelijk: het is nog erger als de halve wereld voor zuslief belt - en verbaasd is te horen dat ik ook in het huis woon - dan dat er niemand belt. Mijn geluk is dat deze stemmen de spanning van een weg-van-de-snelweg-serie hadden zodat ik me niet elke keer nieuwsgierig af hoefde te vragen wat al deze mensen van mijn populaire zusje moesten. Misschien worden mijn brieven wel beter als ze, net als de jouwe, uitsluitend over jou gaan." Y. ......................................................... ![]() ......................................................... ![]() ......................................................... 1994 "Ik moet iets schrijven. Het is nog niet laat in de nacht en Dick stort zich nu dronken op een niets vermoedend slachtoffer, waarschijnlijk een charmante dame. Maandag geloofde hij dat het inderdaad tijd was om de vrijdag eindelijk samen door te brengen. Plotseling bleek ik woensdagavond vrij te hebben en ik was blij die dag bij hem te kunnen zijn. Die ochtend lagen wij samen zacht en warm in elkaars armen en tijdens het langzaam wakker worden voelde ik het leven door Dick heenstromen. Zijn pik ruste warm, zacht en hard tegen mijn lichaam en zijn lippen zochten de weg op mijn gezicht. Mijn eerste genietende kreuntjes maakten me bewust van wat er zou kunnen gebeuren. Eigenlijk wenste ik het tegen te houden omdat de spanning bij mij te groot is. Te groot om te worden genomen in een ochtendroes. Hij zei mij mijn ogen te openen, maar mijn blikken konden die van hem niet ontmoeten omdat ik bang was iets onechts te zien. Iets wat slechts leek op wat hij graag wilde dat er was. Ik deed mijn ogen open maar keek hem niet aan. Hij zei mij dat hij echt en alleen van mij hield. Nog geen seconde later kropen de tranen uit mijn ogen en scheurden mijn nagels het vel van zijn lichaam. Hij wist dat ik dit moest horen. Hij neukte harder en dieper en ik liet mijzelf het kreunen weer toe. Ik wist dat ik gek op hem was. Toen werd het neuken langzaam anders. Ritmeloos en alsof de concentratie verdween. En niet veel later streelde hij me glimlachend, zachtjes uit mij glijdend, zonder die finale stoot. Respectvol gleedt zijn hand naar beneden. Hij wilde mij klaar hebben en ik wilde van dat opgekropte gevoel af. De arme schat begrijpt absoluut niets meer van mij. De meest intieme gebeurtenis maakt ons nu twee vreemden. Hij ziet het niet en mist niets. Het was niet de bevrediging die ik verlangde, maar het begrip dat ik wenste te krijgen." Y. ......................................................... 1994 "Die avond maakte hij een afspraak met een andere dame op MIJN vrijdag. Uitgeput van frustratie geloof ik niet dat ik daar een probleem van heb gemaakt. Net kwam ik hem tegen. Zijn gezicht verraadde dat hij een handgranaat had ingeslikt. Ik hou zoveel van hem en pas zondag daagde het mij dat ik de zomer met hem waarschijnlijk niet zal overleven. Het was vooral de manier waarop hij mij weglachte toen ik hem zei dat ik ongelukkig was. De reden deed hem glimlachen en hij verzekerde mij dat ik wel belangrijker problemen had om me druk over te maken. " Y. ......................................................... ![]() ......................................................... 2003 Ik lees heel vaak oude mailtjes van jou ( ook die van mij aan jou, moet ik er eerlijk bij zeggen). Nu we elkaar vaak zien wordt het steeds moeilijker je iets leuks te schrijven. Heb net een hele alinea gewist die ging over 'bedankt voor de tapas van gisteren enzovoort', maar dat klonk allemaal veel te formeel voor iemand die mij 25 % van de tijd ligt te penetreren. P. ......................................................... 1989 "Ha die D.T, Of die ook een kaartje moet? Ja natuurlijk. Van mij, met die zachte wangen in het bijzonder vele groeten." "Als je haar nou ook nog eens een flinke mep op haar andere wang geeft zal ze altijd aan je denken. Een warme groet uit het wilde westen." Ansichtkaart van C. en E.l. ......................................................... ![]() ......................................................... 2004 Liefje, Ja ik kan er ook wat van, van drama. En dat onze relatie niet alleen maar over onze relatie ging is ook waar. Bijvoorbeeld wanneer ik 's avonds je huis binnenliep en jij daar zat, kaarslicht, een glas wodka en allemaal papieren verspreid over de tafel. Tekeningen en ideeen. Scha-pen-hoer. Of een zonnige ochtend aan diezelfde tafel met het raam open, een croissant, oude kaas, een krant, en de liefste man van de wereld tegenover me. Daarna weer even naar bed. Het is waar dat ik veel gelukkige momenten met je had, maar de negatieve kant van onze relatie vreet aan me, kost me energie en maakt me labiel. Ik heb rust nodig en wil me nu weer met andere dingen bezighouden. Ik wil daarom echt liever geen contact meer met je de komende tijd. Alsjeblieft. P. ......................................................... 1994 "Dezer dagen probeer ik ons leven van een afstand te bekijken. Hoe het begon, zonder anachronistisch te worden. Het lijkt zo vers en toch weer zo ver weg. Ik wil je nu voor ogen zien zoals toen ik voor het eerst door jou gekust werd. Wat is er ongelooflijk veel tussen ons veranderd, maar zijn wij ook zoveel veranderd?" Y. ......................................................... 2005 He. Leuk dat ik je zag, en sprak. Je bent een goed mens. En ik ben iets dronken, maar toch. Na drie whiskey neig ik naar oneliners: - vrouwen van boven de veertig zijn zeker de moeite waard - in niets doen toont men karakter - morgen krijg ik mijn nicht- en neefje op bezoek en ik heb geen ballonnen gekocht slaap lekker. liefs, P. ......................................................... 1994 "Liefste, Ik hoop dat het avontuur van het ware leven je verwarmd heeft. Hopelijk was alles romantisch en kortstondig. Laten we hopen dat je het fatsoen hebt opgebracht meisje P. te laten winnen met schaken. Het fatsoen dat je even vergeten was toen je mij uitlegde hoe jij zin aan je leven zou geven als niet ik, maar jij, geschiedenis zou studeren. Als ik niet al te laat klaar ben met werken kom ik nog naar je toe. " Y. ......................................................... 2006 Nee, laten we dat maar niet meer doen. Het voelde goedkoop. En dat is zonde van wat er ooit was. Ik weet nog niet of ik naar de film ga. dag P. ......................................................... 1988 "Ik schrijf je dit, en heb je net aan de telefoon gehad en ik hou zoooooveel van je. Ik ren zo naar de brievenbus. Ik zie je vanavond al! Veel liefs en tot zo!" E. ......................................................... ![]() |